De tijd lijkt stil te staan in Spanje: archeologen vinden 72 miljoen jaar oude dinosaurus-eieren in ongelooflijk goede staat

In een opvallende vondst die licht werpt op een periode van miljoenen jaren geleden, zijn er vier dinosauruseieren gevonden in de krijtkalksteenheuvels van Guadalajara, Spanje. Deze eieren, ongeveer 72 miljoen jaar oud, worden gezien als “tijdcapsules” die een directe blik geven op het leven van de titanosauriërs, de laatste grote sauropoden van het Krijt.
Waar de eieren werden gevonden
De vier eieren werden aangetroffen op de afgelegen krijtsite van Poyos, op een verre heuvel in Guadalajara, binnen het gebied van Castilla-La Mancha. Deze plek hoort bij een geografisch gebied dat zich uitstrekt van Cuenca tot de Pyreneeën, een belangrijke regio op het Iberisch Schiereiland.
De opgraving werd geleid door de paleontologen Francisco Ortega en Fernando Sanguino, met ondersteuning van de Grupo de Biología Evolutiva van de UNED (Universidad Nacional de Educación a Distancia). Dankzij uitzonderlijke bewaaromstandigheden zijn de eieren vrijwel intact teruggevonden.
Bewaring en analyse
De vier eieren hebben een roodachtige tint en een gemineraliseerde textuur. Ze zijn uitzonderlijk goed behouden, met vrijwel intacte microstructuur van de schaal. Die goede bewaring komt door de fijne sedimenten van dezelfde laag zonder tectonische verstoringen, waardoor zelfs de fragielste lagen niet werden verstoord. De stabiele fossilisatie wijst erop dat chemische sporen, die waardevolle informatie geven over de oorspronkelijke biologische samenstelling, mogelijk bewaard zijn gebleven.
De eieren zijn nu opgenomen in de permanente tentoonstelling van het Museo Paleontológico de Castilla-La Mancha (MUPA) in Cuenca. Carmen Teresa Olmedo, viceminister van Cultuur en Sport, onderstreepte het wereldwijde belang van deze vondst.
Welke soorten het zijn en hoe we dat interpreteren
Bij de analyse zijn twee verschillende ootaxa vastgesteld op hetzelfde sedimentniveau: Fusioolithus baghensis, een reeds bekende soort, en Litosoolithus poyosi, een nieuw ontdekt ootaxon. Dit laatste type valt op door zijn grote afmetingen, dunne schaal en lage porositeit, met subtiele ornamentatie. De microstructurele verschillen zijn duidelijk zichtbaar via sferolieten en poriekanalen.
Dat beide eiertypes tegelijk in hetzelfde gebied voorkomen, wijst erop dat meerdere soorten titanosauriërs in die regio leefden en nestelden, met uiteenlopende reproductieve gedragingen. Onderzoekers denken dat deze verschillen mogelijk aanpassingen waren aan veranderende klimatologische omstandigheden voorafgaand aan de massale uitsterving van de dinosauriërs.
Wat dit voor onderzoekers betekent
Het project, dat aanvankelijk steun kreeg van de Regering van Castilla-La Mancha, kan nu als een belangrijke referentie dienen voor de studie van laat-Krijt dinosauriërs in Europa. De bevindingen suggereren dat het continent mogelijk een laatste toevluchtsoord was voor sauropoden, wat de hypothese versterkt dat deze dieren zich uitstrekten van Cuenca tot aan de Pyreneeën.
De resultaten zijn bereikt na geavanceerd laboratoriumwerk, waarbij technieken zoals microscopie en mineralogische analyses werden toegepast. De bijna intacte structuur van de schalen biedt een unieke kans om meer te leren over het gedrag en de genetische eigenschappen van de dieren die destijds leefden.
De nuances en details van deze ontdekking roepen veel vragen op en nodigen uit tot vervolgonderzoek. Het zet aan tot nadenken over de veerkracht van de natuur en toont de grote waarde van zulke vondsten voor toekomstige generaties.